In de vorige aflevering van deze reeks heb ik iets verteld over de heenreis naar Oberstdorf in het uiterste zuiden van Duitsland. Oberstdorf is bij Duitsers een populair uitgangspunt voor wintersport, wandelen en fietsen. Het dorp heeft ruim 10.000 inwoners en 300.000 vakantiegasten per jaar. Net zoals enkele plaatsen in Zwitserland, wil Oberstdorf graag het gebruik van openbaar vervoer bevorderen. Om dat voor elkaar te krijgen, hebben ze twee dingen gedaan:

  • Parkeren op de openbare wegen bij de belangrijkste attracties  is betaald. Het tarief varieert van Euro 5 per dag tot Euro 15 per dag in het dorpscentrum.
  • Vakantiegasten kunnen voor Euro 25 een OV abonnement kopen. Dit OV abonnement geldt in alle bussen en treinen in de regio, inclusief het aantrekkelijke Kleinwalsertal.

Dit maakt het mogelijk voor alle relevante bestemmingen de bussen vaak te laten rijden. Naar het Kleinwalsertal zelfs elke 10 minuten in het hoogseizoen. De bussen zitten altijd vol, maar op drukke uren worden met grote flexibiliteit extra bussen ingezet, zodat iedereen toch altijd mee kan, ook als je onderweg ergens instapt.

Deze drukte bewijst dat het concept werkt. De meeste beginpunten voor wandelingen liggen te ver van het dorp om dat stuk ook nog te lopen. Bovendien kun je ergens een wandeling beginnen en op een ander punt weer met bus of trein terug naar huis. Het is lastig om een inschatting van het gebruik te maken. Van de passagiers heeft 60-80% een abonnement.  Het zou me niet verbazen als blijkt dat het OV bij toeristen een marktaandeel van 50% heeft, afgaande op de drukte op de parkeerplaatsen.

Een bijzondere attractie is om met de bus naar Lindau te gaan. Lindau is een stadje aan het Bodenmeer. Het oude gedeelte is op een klein eilandje gebouwd, waardoor een bijzondere sfeer ontstaat.  Voor slechts Euro 3,50 per persoon kun je het toeristenabonnement aanvullen zodat het geldig is voor een rit naar Lindau en terug.  Onderweg doet de bus talrijke andere dorpen en steden aan, zodat er volop te genieten valt van het landschap. De rit duurt hierdoor wel lang, bijna 3 uur. In Lindau heb je dan nog ruim 4 uur om het plaatsje te bekijken. Dit is ruim voldoende.  Door de lijnbus te nemen zie je onderweg beslist veel meer dan wanneer je met de trein of toeristenbus gaat.

Het Kleinwalsertal ligt in Oostenrijk, maar is alleen vanuit Duitsland bereikbaar. Vanuit Oberstdorf rijdt elke tien minuten een bus naar het dal tot aan het allerlaatste plaatsje. Enkele zijdalen worden met lagere frequenties bediend. Je kunt lopend terug, door over de berg te klimmen of een kabelbaan te gebruiken. Ook in het Kleinwalsertal zelf zijn veel wandelmogelijkheden.  Sinds het eind van 19e eeuw is er al een verdrag waardoor je zonder formaliteiten en controle de grens over kunt steken.